Rekenkamer Rapport Economisch Beleid

Tijdens de raadscommissievergadering op 7 december 2023 werd het rekenkamerrapport over het economische beleid in Midden-Groningen gepresenteerd. Het betrof een verkennend onderzoek.

De Rekenkamer concludeert dat het beleid op schema ligt. Doelstellingen zijn geformuleerd en middelen zijn voorhanden. Wel adviseert de Rekenkamer om de doelen meer meetbaar te maken. Meetbare doelen zijn vooralsnog weinig zichtbaar, met uitzondering van beleid omtrent de vrijetijdseconomie wat al langer in ontwikkeling is. Echter, tot harde bevindingen kon het onderzoek nog niet komen omdat veel van het beleid pas recent is ontwikkeld. Resultaten zijn dus nog weinig zichtbaar.

De Rekenkamer geeft twee aanbevelingen: 1. Ontwikkel meer meetbare doelen en 2. verwerk de doelstellingen en acties in de meerjarenbegroting zodat het beleid goed te volgen is voor de raad. Volgens de Rekenkamer is er geen aanleiding voor een verdiepend onderzoek. Het college laat in een bestuurlijke reactie weten dat het de bevindingen herkent, conclusies deelt en aanbevelingen overneemt.

Aanleiding voor het onderzoek was de belangstelling van de Auditcommissie in februari 2023 en het belang dat door de raad aan werkgelegenheid is gehecht. Ook  is er over het algemeen relatief weinig belangstelling voor het economische beleid, aldus Menno Visser namens de rekenkamer.

Waar richt de gemeente zich op? 

De gemeente heeft binnen het economische beleid de volgende doelstellingen ontwikkeld: dienstverlening voor ondernemers en instellingen via een enkel aanspreekpunt; verbinding tussen onderwijs en de arbeidsmarkt; beschikbaarheid en toekomstbestendigheid van bedrijventerreinen; perspectief voor de landbouwsector; concentratie van de detailhandel in compact centra; en uitvoering van de visie op de vrijetijdseconomie.

Planning

Eind 2022 heeft de raad de visie Vrijetijdseconomie vastgesteld. Dit beleid is in gang gezet. Voor het andere beleid geldt dat het in ontwikkeling is. In het vierde kwartaal van 2023 informeert het college de raad over de agenda voor de landbouw en over het ondernemersloket. In het tweede kwartaal van 2024 zal het college de bedrijventerreinvisie voorleggen aan de raad. Volgens wethouder Hoesen-Spithorst is het college druk bezig met het ontwikkelen de doelstellingen en worden er goede stappen gezet.

Reactie vanuit de gemeenteraad

Over het algemeen beaamden de raadsleden de bevindingen van de Rekenkamer. Yannick Lutterop van de D66 noemde het ontbreken van concrete en meetbare doelen toch wel ‘de vinger op de zere plek.’ Dit zou niet het eerste rekenkamerrapport zijn met deze aanbeveling. De heer Lutterop verzocht wethouder Hoesen-Spithorst dan ook nadrukkelijk om toezegging te doen over het termijn waarop de raad meer meetbare doelstellingen kan verwachten. Dit zou volgen aan het einde van kwartaal 1/begin van kwartaal 2 voor het komende jaar.

Het beleidsstuk gaat als hamerstuk naar de raadsvergadering op 21 december.