Groninger Dorpen trekt opnieuw langs dorpen
Stichting Groninger Dorpen is deze week met een camper door Groningen getrokken. Tijdens de Ommelander raais sprak de stichting met inwoners en vrijwilligers in verschillende dorpen. Vrijdag waren Sappemeer en Slochteren aan de beurt. Een terugkerend probleem is het vinden van vrijwilligers en bestuursleden.
Groninger Dorpen gaat met de dorpen aan de slag met hun vragen en wil volgend jaar opnieuw op pad.
Midden-Groningen – Stichting Groninger Dorpen trok van 10 tot en met 14 augustus opnieuw met een camper door de provincie Groningen. Tijdens de zogenoemde Ommelander raais ging het team in verschillende dorpen en wijken met inwoners in gesprek, werden vragen beantwoord en werd advies gegeven. Vrijdag 14 augustus stond de camper bij wijkcentrum ’t Spinneweb in Sappemeer en De Houtstek in Slochteren. Het gaat vooral om gesprekken en ontmoetingen, zegt Hielke Westra van Groninger Dorpen. In Sappemeer werd onder meer gesproken met twee mensen van Midwerk. Ook Jan Hasenoot van Lang leve Kolham kwam langs met vragen over de dorpsondersteuners. Daarnaast sprak het team met een inwoner uit de wijk.
Bijdrage Loko Loket
Tijdens het bezoek werd ook een bijdrage vanuit het Loko Loket toegekend aan de speelweek die op dat moment plaatsvond. Het Loko Loket ondersteunt jongereninitiatieven in Groningen met maximaal 1.000 euro. De organisatie van de speelweek wil de bijdrage gebruiken voor de aanschaf van een eigen geluidsinstallatie. In Slochteren sprak Groninger Dorpen met vrijwilligers van De Houtstek. Daar ging het over hoe het dorpshuis ervoor staat en welke vragen er leven.
Voor ieder dorp staat volgens Westra een vervolgactie gepland. Een vraagstuk dat op meerdere plekken speelt, is het vinden van voldoende vrijwilligers en bestuursleden. Groninger Dorpen maakt afspraken met de betrokken organisaties om hen verder te helpen. De Ommelander raais werd dit jaar voor de tweede keer op rij georganiseerd nadat het initiatief vorig jaar opnieuw was opgepakt. “Het is goed bevallen. Volgend jaar gaan we weer op pad.”