Woonbeleid kan scherper in Midden-Groningen

De Rekenkamer Midden-Groningen vindt dat de gemeente meer grip moet krijgen op woonafspraken met woningcorporaties en huurdersorganisaties. De samenwerking verloopt goed, maar afspraken zijn nog niet concreet en meetbaar genoeg. Ook moet de voortgang beter worden gevolgd.

De raad besluit op 4 juni over de aanbevelingen.

Huis van Cultuur en Bestuur

Midden-Groningen – De gemeente moet scherper sturen op afspraken over woningbouw en wonen. Dat concludeert de Rekenkamer Midden-Groningen in een onderzoek naar de prestatieafspraken binnen het woonbeleid. De gemeenteraad wordt gevraagd de aanbevelingen van de Rekenkamer over te nemen.

Afspraken over sociale huur, zorg en leefbaarheid

Prestatieafspraken zijn afspraken tussen de gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties. Daarin staat bijvoorbeeld hoeveel sociale huurwoningen er gebouwd moeten worden, maar ook wat er gebeurt op het gebied van duurzaamheid, leefbaarheid en wonen met zorg.

Volgens de Rekenkamer is de samenwerking tussen de betrokken partijen goed. Gemeente, corporaties en huurdersorganisaties ervaren het overleg als positief en gelijkwaardig. Ook zijn de afspraken de afgelopen jaren verbeterd. Ze gaan niet meer alleen over de uitvoering, maar worden steeds meer gebruikt om richting te geven aan het woonbeleid.

Ambities nog niet concreet genoeg

Toch gebeurt dat volgens de Rekenkamer nog onvoldoende scherp. De gemeente heeft duidelijke ambities, maar die worden niet altijd vertaald naar concrete en toetsbare afspraken. Daardoor is het lastig om te controleren of de afspraken ook echt bijdragen aan voldoende en passende woningen in Midden-Groningen.

Ook worden de afspraken nog niet structureel gemonitord en geƫvalueerd. De Rekenkamer vindt dat de gemeente beter moet bijhouden wat de voortgang is en wanneer er moet worden bijgestuurd.

Gemeente moet meer regie nemen

Daarnaast moeten de woonafspraken beter worden gekoppeld aan andere gemeentelijke instrumenten, zoals grondbeleid en ruimtelijke plannen. Daarmee kan de gemeente volgens de Rekenkamer meer regie nemen op de woningopgave.

De Rekenkamer doet vier aanbevelingen. De prestatieafspraken moeten concreter worden, de voortgang moet beter worden gevolgd, de gemeente moet haar strategische regierol versterken en de gemeenteraad moet actiever worden betrokken bij het proces. Het college moet de raad periodiek informeren over de voortgang en de resultaten.

Raad neemt later besluit

De gemeenteraad wordt voorgesteld om de aanbevelingen vast te stellen. Ook moet het college de aanbevelingen meenemen bij de verdere ontwikkeling van het woonbeleid. Volgens het raadsvoorstel moet het onderzoek de raad helpen om zijn controlerende en kaderstellende rol beter uit te voeren.

Het rekenkamerrapport is op 23 april aan de raad gepresenteerd. De commissie bespreekt het onderwerp op 21 mei. Op 4 juni neemt de gemeenteraad naar verwachting een besluit over het overnemen van de aanbevelingen.