D66 wil schoolzwemmen terug in onderwijs
D66 wil schoolzwemmen terug in het basisonderwijs. Hiervoor diende de partij op 30 oktober een breed gedragen motie in. De fractie volgt hiermee een landelijke discussie die eerder dit jaar in de Tweede Kamer opleefde. Steeds meer kinderen in Nederland hebben namelijk geen basis-zwemdiploma.
‘Het is een veiligheidsaspect . Ook vinden wij dat kinderen gelijke kansen moeten hebben’, aldus Yannick Lutterop (D66).
Zwemvierdaagse Hoogezand
D66 wil onderzoeken of schoolzwemmen weer terug moet in het basisonderwijs. Hiervoor diende de partij op 30 oktober samen met GroenLinks, PvdA, Lijst Jan Hulzebos, BBP, CU, CDA en SP een motie in die unaniem is aangenomen. De fractie volgt hiermee een landelijke discussie die eerder dit jaar opleefde. Steeds meer kinderen in Nederland hebben namelijk geen basis-zwemdiploma.
‘We zien dat er een steeds grotere groep leerlingen is tussen 6 en 16 jaar die geen beschikking heeft over een zwemdiploma A. Die kunnen daardoor niet meedoen in het sociale verkeer en hebben daardoor ook een veiligheidsaspect waar we rekening mee moeten hebben. Wij vinden het heel belangrijk dat kinderen gelijke kansen hebben om goed zwemonderwijs te volgen’, aldus Yannick Lutterop, raadslid voor D66.
Verrijkte Schooldag
De fractie ziet mogelijkheden in de Verrijkte Schooldag binnen het programma Tijd Voor Toekomst. ‘Wij hebben financiële middelen vanuit de Rijksoverheid voor de Verrijkte Schooldag. Hoe mooi zou het zijn als we als gemeente kunnen onderzoeken of we zwemonderwijs daar onderdeel van kunnen laten zijn. Schoolzwemmen is lange tijd heel populair geweest. Helaas is het wegbezuinigd. Als we dan nu de middelen hebben om dat weer te herintroduceren dan moeten we dat volgens mij doen’.
Werkdruk bij scholen
Begin dit jaar deden de SP en GroenLinks-PvdA een voorstel in de Tweede Kamer om schoolzwemmen weer terug te brengen in het onderwijs. Het kabinet heeft vervolgens onderzoek laten uitvoeren naar de mogelijkheid hiervan. Conclusie: Er is weinig draagvlak onder leraren. Schoolzwemmen kost namelijk veel tijd, tijd die ook moet worden besteed aan taal- en rekenvaardigheid.
Lutterop wil deze werkdruk op scholen ook zeker erkennen. ‘Daarom hebben we nadrukkelijk opgeroepen om dit samen met schoolbesturen, zwemonderwijs en sportaccommodaties te doen. We weten hoe hoog de werkdruk is bij scholen en die willen we niet vergroten, maar nogmaals, doordat de Verrijkte Schooldag er is hebben we ook extra tijd en geld die we kunnen geven aan de scholen. Laten we ons ook niet blindstaren op wat er landelijk niet kan. Ik denk dat in een kleine gemeente de opgave om dit gezamenlijk te doen beter uit te voeren is dan landelijk.’
Bereikbaarheid voor dorpen
Een belangrijk punt van aandacht betreft ook de bereikbaarheid van zwembaden voor de kleine dorpen. Lutterop: ‘Hier hebben we expliciet aandacht voor gevraagd, omdat we het belangrijk vinden dat we hierin niet de grote kernen voortrekken.’ De fractie wil onder meer kijken naar samenwerking tussen gemeenten. ‘Ook kan ik mij goed voorstellen dat er zwemonderwijs wordt gegeven net over de grenzen van onze gemeente heen die we prima voor zouden kunnen benaderen.’
Wachtrijen door corona
Hans-Petter Palland, raadslid voor de VVD, vroeg aandacht voor de wachtrijen die zijn ontstaan in de corona-periode. Volgens Palland zou moeten worden onderzocht welke rol deze wachtrijen hebben gespeeld bij de groei van het aantal leerlingen zonder zwemdiploma. ‘Zelfs al heb je de beste bedoelingen, als er geen plek is, is er gewoon geen plek.’
Motie
De motie verzoekt het college om te onderzoeken of schoolzwemmen in het onderwijs uitvoerbaar is en zal voor april 2026 met een analyse komen.
Schoolzwemmen
Eind jaren ’60 werd schoolzwemmen verplicht in Nederland. Vanaf 1985 verviel de verplichting en mochten gemeenten hier zelf de keuze in maken. In de loop der jaren zijn steeds meer gemeenten ermee opgehouden. Inmiddels heeft een aanzienlijk deel van de Nederlandse kinderen geen basis-zwemdiploma. Volgens de NOS zou het gaan om 13% van de kinderen tussen 6 en 16 jaar in 2022. In 2018 betrof dit nog 6%. Het gaat relatief vaak om kinderen uit armere gezinnen en met een migratieachtergrond.