Brandweermuseum in colonne naar gemeentehuis
Het Brandweermuseum Hoogezand-Sappemeer trok op 7 mei met een colonne van veertien brandweerwagens naar het gemeentehuis om 3000 handtekeningen te overhandigen aan de burgemeester. Het museum moet per 31 oktober het huidige pand verlaten en heeft tot op heden nog geen alternatieve plek kunnen vinden. De toekomst van het museum staat daarmee onder druk.
Zowel raad als college willen ook graag een oplossing.
HOOGEZAND-SAPPEMEER – Het Brandweermuseum Hoogezand-Sappemeer roept de gemeente op om zich in te spannen voor het behoud van het museum. In een colonne van veertien brandweerwagens reed het vrijwilligersteam op donderdagavond 7 mei naar het gemeentehuis om tijdens de raadsvergadering ruim 3000 handtekeningen aan burgemeester Van Lente te overhandigden. ‘Met deze actie pleiten wij voor het behoud van ons museum’, aldus secretaris Marc Bakker.

Vanuit de raad is er veel steun voor de zaak. Gemeentebelangen diende samen met de VVD, BBB, D66, SP, PRO en FvD een motie in die het college oproept om een deel van de Agrifirmhallen beschikbaar te stellen voor tijdelijke opstal zodat er naar een structurele oplossing gezocht kan worden. Ook vraagt de motie aan het college om tijdens de voorjaarsnota in 2027 met een voorstel te komen om het museum financieel te ondersteunen, dan wel met een subsidie, dan wel via een lening. De motie is unaniem aangenomen.
Noodzaak van nieuwe locatie
Het museum is sinds 2011 gevestigd in een loods aan de Kleinemeersterstraat 158 in Sappemeer. De locatie was altijd al tijdelijk bedoeld maar heeft inmiddels vele jaren kunnen dienen als museum. Nu de woningbouw aan de Vosholen zich uitbreidt is het moment gekomen waarop de loods plaats moet maken voor nieuwbouw. Wethouder Ploeger: ‘De gemeente heeft afspraken met de ontwikkelaars en de percelen moeten bouwklaar worden gemaakt.’ Het museum moet per 31 oktober zijn vertrokken.
Dat het zou gebeuren was al jaren bekend bij de stichting, maar het valt Bakker toch rauw op zijn dak. Al sinds 2021 is de stichting opzoek naar een nieuwe locatie, maar vooralsnog zonder succes. Met de naderende deadline neemt de druk toe en krijgt de kwestie in toenemende mate politieke aandacht.

Op weg naar een volwaardig museum
Het museum wordt beheerd door een klein betrokken team van vrijwilligers die de wagens zelf onderhouden en zich veelal naast hun reguliere baan inzetten voor het museum. Het betekent dat de openingstijden beperkt zijn. Tot een week geleden was het museum enkel te bezichtigen op dinsdagavonden, de tweede zaterdag van de maand of op afspraak. Entreeprijzen worden niet gevraagd. Hierdoor zijn er vrijwel geen structurele inkomsten en hierin schuilt een belangrijk probleem.
Bakker: ‘Voor de duizend vierkante meter die wij nodig hebben moet je al snel per maand 3500 tot 5000 euro aan huur betalen. Dit geld hebben wij niet. We halen oud papier op bij bedrijven en krijgen oud ijzer binnen. Daarnaast hebben we veel sponsors. Het geld dat hiermee wordt opgehaald gaat voornamelijk naar de verzekering van de veertien brandweerwagens.’
De gemeente ondersteunt het museum door de energiekosten te dragen. Het gaat jaarlijks om 53 duizend euro. Daarnaast ontvangt de stichting kwijtschelding voor de onroerendezaakbelasting (ozb).
Om voort te bestaan als museum ligt er een taak voor het team om door te groeien naar een volwaardig museum, want die status heeft het museum officieel nog niet. Ook het college benadrukte tijdens de raadsvergadering de noodzaak van het museum om te groeien richting zelfstandigheid. Dit betekent ‘ ruimere openingstijden, uitbreiding van het educatieve aanbod en het genereren van inkomsten’, aldus wethouder Ploeger.
De stichting zet daarom sinds 5 mei alle zeilen bij door de openingstijden flink te verruimen. Het museum is voortaan open op dinsdag-, woensdag en vrijdagmiddagen en zondagochtend en -middag. Vrijwilliger Wiebe Lantinga: ‘Wij hopen op deze manier goodwill te krijgen bij de gemeente om samen naar een oplossing te zoeken.’
Agrifirmhallen
De motie van de raad vraagt het college onder andere om de Agrifirm tijdelijk beschikbaar te stellen voor het stallen van de wagens zodat er naar een structurele oplossing kan worden gezocht. De hallen zijn in bezit van de gemeente. Het zou gaan om een westelijk deel van de hallen dat momenteel leeg staat.
“Eind 2027 moeten de Agrifirmhallen tegen de vlakte”
Het college temperde het enthousiasme. Wethouder Ploeger: ‘Wij hebben twee miljoen euro aan subsidie aangevraagd bij het Rijk in kader van wijkvernieuwing van Noorderpark. In 2029 moet de bouw beginnen en dus een jaar daarvoor begint de sloop. Eind 2027 gaan de hallen tegen de vlakte.’ Tot die tijd zou de ruimte gebruikt kunnen worden voor het stallen van de wagens, maar meer dan dat is niet mogelijk, aldus wethouder Ploeger.
Steun vanuit de raad en college
Er klonk veel steun vanuit de raad. Alle fracties zijn het erover eens: zo’n prachtig cultuur-historisch museum moet behouden blijven. Ook het college sprak haar waardering uit voor de inzet van de vrijwilligers.
Voor het komende jaar is een noodlot dus afgewend, maar een oplossing is er nog niet.